Connect with us

NL

Puur geluk in de Achterhoek

Published

on

Hendrik werd die ochtend wakker met een idee dat hem geniaal leek. Terwijl Willemien haar tas pakte om drie dagen bij hun dochter in Zutphen door te brengen, zei hij vanuit zijn luie stoel: "Ga maar lekker, joh. Dan heb ik hier eindelijk mijn rust." Willemien keek hem aan alsof hij een klap van de molen had gekregen, tikte tegen haar voorhoofd, propte een trommel met poffertjes voor de kleinkinderen in haar tas en fietste naar het station.

Hendrik deed de voordeur op slot, ging op de bank zitten met zijn benen wijd en dacht: eindelijk. Geen gezeur over de was die nog moet, geen Postbus 51-achtige preken over zijn cholesterol. Nu kon hij de wedstrijd van De Graafschap kijken zonder commentaar, het NOS Journaal zonder dat iemand riep dat het toch allemaal leugens waren uit Den Haag.

Hij begon met de kat weg te jagen — Willemiens verwende cyperse dier dat altijd op haar breiwerk lag — en gooide de mand met wol achter de bank. Hij plofte in de fauteuil, zapte langs de kanalen. Saai. Zette de tv uit. Liep door het huis. Leeg. In de gang stond nog haar fiets tegen de muur, met dat rode belletje dat altijd net iets te hard rinkelde.

Tegen twaalven warmde hij snert op uit blik, brandde zijn vingers aan de pan en riep uit gewoonte: "Willemien, snij eens wat brood!" Niemand antwoordde. Het bleef stil in de keuken, op het tikken van de klok na — een klok die hij nooit eerder had gehoord tikken, omdat er altijd wel iets overheen klonk.

Zonder haar commentaar had zelfs het journaal geen zin meer — met wie moest hij nu discussiëren over de stikstofplannen? Hij pakte de kaarten uit de la, dacht aan hoe ze hem elke avond aftroefde bij het klaverjassen, hoe ze dan lachten als kinderen om een dubbele nul. 's Nachts, zonder haar gesnurk en zonder het ochtendlijke gerinkel van pannen, kon hij niet slapen.

De volgende dag was hij al prikkelbaar, chagrijnig, het huis voelde aan als koude, plakkerige pap. Hij at zijn boterham droog boven de gootsteen omdat hij vergeten was boodschappen te doen. 's Middags belde hij drie keer naar de verkeerde persoon voor hij eindelijk het nummer van zijn dochter intoetste.

Tegen de avond had hij het opgegeven en belde zijn dochter. "Pap?" zei ze verbaasd, want hij belde nooit zelf. "Is alles goed?"

"Kan ik mama even?" Hij hoorde haar de telefoon doorgeven, hoorde op de achtergrond de kleinkinderen gillen om de poffertjes, en toen Willemiens stem: "Wat is er, Hendrik, is er iets met het huis?"

"Nee, nee, niks aan de hand." Hij draaide het telefoonsnoer om zijn vinger, zocht naar woorden die niet klonken als overgave. "Ik heb de snert laten aanbranden. En de kat wil niet bij me op schoot." Stilte aan de andere kant. Hij hoorde haar ademen, wachten. "Het is niks zonder jou hier," zei hij ten slotte, zo zacht dat ze hem bijna moest vragen het te herhalen.

Dat deed ze niet. "Ik neem morgenochtend de trein," zei ze alleen, en hij hoorde in haar stem iets wat verdacht veel op een glimlach leek.

Willemien nam de volgende ochtendtrein terug. Ze liep binnen, zette haar tas neer bij de kapstok, en het eerste wat ze deed was de keuken inspecteren. De pan met aangebrande snert stond nog op het fornuis, de vaat torende op in de gootsteen, en op de vloer lag een spoor van kattenbrokjes die niemand had opgeruimd.

"Hendrik, wat heb je hier uitgespookt," zei ze, geen vraag, gewoon een constatering. Ze pakte de kat op, die meteen begon te spinnen tegen haar schouder, en trok de mand met wol onder de bank vandaan.

's Avonds zaten ze weer aan de keukentafel met de kaarten, thee met een scheutje melk erbij, en de radio zacht op de achtergrond. Hendrik verloor drie potten op rij en mopperde: "Met jou is er geen rust in dit huis… misschien moet je toch nog maar eens een weekje weg."

Willemien lachte, schikte de kaarten in een net stapeltje en legde ze terug in de doos.

Drie weken later, op een dinsdag, kwam de rekening van de fysiotherapeut op de mat — Hendrik had zijn rug verrekt met het opruimen van de garage, iets wat hij nooit deed als Willemien er niet was om hem eraan te herinneren rustig aan te doen. Hij hield het papiertje omhoog en zei: "Tweeënveertig euro, voor iets wat jij in twee minuten had voorkomen." Willemien pakte het uit zijn hand, legde het bij de andere rekeningen in de map op het dressoir, en zette er met potlood een vinkje bij.

Click to comment

Leave a Reply

Ваша e-mail адреса не оприлюднюватиметься. Обов’язкові поля позначені *

вісім + 15 =

Також цікаво:

HU21 хвилина ago

Az üres fészek Nyíregyházán

Klára hetvenegy éves korában is emlékezett minden fűszer sorrendjére a paprikáskrumpliban, de arra már nem, mikor mondott utoljára rendes köszönömöt...

LT22 хвилини ago

Petras ir tyla name prie Šešupės

Rugsėjo rytą, kai už lango dar tirpo rūkas nuo Šešupės pievų, Petras Vaitkus nusprendė, kad Aldonai laikas pagaliau kur nors...

NL56 хвилин ago

Puur geluk in de Achterhoek

Hendrik werd die ochtend wakker met een idee dat hem geniaal leek. Terwijl Willemien haar tas pakte om drie dagen...

CZ1 годину ago

Sebastianova zastávka na dálnici D1

Zablokoval jsem dveře auta na parkovišti před kanceláří a řval jsem. Ne slova — jen ten zvuk, co člověku vyjede...

CZ2 години ago

Malá Klára, hodiny na chodbě u Motola

Bylo čtvrt na tři ráno, když Tereza Bílková podruhé toho dne vypila kávu z automatu na chodbě neonatologie a zase...

HE2 години ago

עצרתי לעזור לאישה שקרסה ליד תחנת הדלק בכניסה לקיסריה, ופיטרו אותי על זה — ואז הטלפון צלצל

— מה זאת אומרת "עזרתי למישהי"? הקול של אבישי נשמע עד הקומה השנייה, וגם המתמחים ליד מכונת הצילום השתתקו. עמדתי...

HE2 години ago

המקדחה של איציק

— הילד בחר בנו, אצלנו לא צריך לדקדק על שיעורים, — הכריז איציק בטלפון, בקול שמנסה להישמע אבהי וחם. באותו...

CZ3 години ago

Máma neplatí za pokoj, kde nebydlí

Vendula Křížová seděla na taburetce v předsíni bytu na Vinohradech a poslouchala, jak z kuchyně kape voda z nedovřeného kohoutku....